almapost.nl

Schrijfdagboek

Hoe kijkt een schrijver (m/v) in de spiegel?

21-2-2017

Volgens Marja Pruis (57), schrijfster en literair criticus van de Groene, die afgelopen zondag in VPRO-boeken optrad, zien mannelijke auteurs als ze in de spiegel kijken een groot schrijver, – Harry Mulisch, toen hij nog leefde, voorop – terwijl vrouwelijke auteurs daar te slim voor zijn, en zichzelf als schrijver meteen relativeren.

Ik weet niet of dit voor alle mannen opgaat. Niet voor A. Alberts, Gerard van Emmerik en misschien zelfs Maarten ’t Hart (wellicht ziet die eerder een groot tuinier in de spiegel). En de vrouwen? Iemand in mijn omgeving noemde spontaan Connie Palmen. Ziet zij een groot schrijfster in de spiegel? Of doet ze toch mee aan de vrouwelijke zelfrelativering?

De stelligheid van Marja Pruis’ uitspraak was des te geloofwaardiger, omdat ze tijdens de rest van het bijzonder leuke en innemende gesprek over haar essaybundel Genoeg nu over mij. Confessies van een ervaren schamer juist als kampioen van de twijfel naar voren kwam. Positieve twijfel, bedoel ik. Marja Pruis twijfelt niet zoals sommige sprekers tegenwoordig doen, die ieder zin beginnen én eindigen met een aarzelend ‘ja.’ Bij Pruis is de twijfel een bewust toegepast middel. Je schrijft om erachter te komen wat je vindt, om je mening te vormen. Je ontwikkelt je al schrijvend en je kunt later terugkeren op je schreden.

Het gesprek ging ook over schaamte en openhartigheid. Hoe vind je de juiste middenweg daartussen, zijn het twee kanten van dezelfde medaille, vooral in een schrijver? Het interview is alleen daardoor al een aanrader voor auteurs. En Marja Pruis is gewoon leuk om naar te luisteren. Ik ben benieuwd naar Genoeg nu over mij.

Uitgeven

Ik ben weer even uitgever, en corrigeer de drukproeven van Mijn vrienden en ik.

Vorig bericht